Motor Rijles


Verkeersschool Safiera geeft op de volgende motoren les: Honda CBF 500 met ABS en staat al vele jaren bekend om zijn betrouwbaarheid en wendbaarheid.Deze eigenschappen maken deze motor uitermate geschikt als lesmotor.

Ook hier word je in stappen naar het examenniveau geleid. Heb je al een rijbewijs (bijvoorbeeld van je auto) dan mag je meteen starten, anders moet je eerst je theorie halen.

Vanwege nieuwe Europese richtlijnen heeft de overheid besloten vanaf 19 januari 2013 nieuwe, stapsgewijze rijbewijscategorieën in te voeren. De nieuwe categorieën zijn opgedeeld in A1 , A2 en tot slot de vol vermogen categorie A. Door de hoeveelheid informatie kan het zijn dat je het overzicht kwijt raakt. Hieronder worden de nieuwe rijbewijs categorieën overzichtelijk toegelicht.
Het examen

Je moet 3 examens afleggen:

  • Examen Algemene Voertuigbeheersing (AVB)
  • Het Theorieexamen
  • Examen Algemene Verkeersdeelname (AVD)


De kandidaten moeten per 1 april 2004 niet vier, maar zeven bijzondere verrichtingen uitvoeren tijdens het motorexamen, maar je moet er 12 kunnen beheersen.

Van één naar twee examens:
Extra verrichtingen kosten meer tijd en meer ruimte. Het examen voor de motor is daarom gesplitst in tweeën: het examen Voertuigbeheersing en het examen Verkeersdeelneming. En dat is misschien minder erg dan je denkt. Veel motorkandidaten zien op tegen de bijzondere verrichtingen in het examen. Doordat die nu een apart examen vormen, kun je je er volledig op concentreren. Als je daarvoor slaagt, kun je vervolgens opgaan voor het examen Verkeersdeelneming.

Het examen Voertuigbeheersing:
Tijdens het examen Voertuigbeheersing kan de examinator kiezen uit twaalf oefeningen, waarvan de kandidaat er zeven moet uitvoeren.De twaalf oefeningen zijn ingedeeld in vier clusters:

  1.  - lopen met de motor en gebruik van de standaard (deze is verplicht);
  2.  - verrichtingen bij lage snelheid (zes oefeningen, waarvan één verplicht en één naar keuze);
  3.  - verrichtingen bij hogere snelheid (twee oefeningen, beide verplicht);
  4.  - remoefeningen (drie oefeningen, waarvan één verplicht en één naar keuze).

Cluster 1

Achteruit lopend parkeren:
Het eerste cluster bestaat uit de oefening achteruit lopend parkeren. In deze verplichte oefening moet de kandidaat aan de rechterzijde van de rijbaan lopen met de motor aan de hand, deze daarna achteruit parkeren in een parkeervak en op de standaard zetten. Vervolgens moet de kandidaat de motor weer van de standaard halen en rechts het parkeervak uitlopen.

Cluster 2

Langzame slalom:
Een verplicht onderdeel van het tweede cluster is de langzame slalom. De tussenafstand van de pylonen is hierbij drie meter. De snelheid is niet aangegeven, maar gezien de geringe tussenafstand ligt een stapvoets tempo voor de hand. Het gebruik van de achterrem en koppeling is bij deze oefening toegestaan. Van belang bij deze oefening is de combinatie van langzaam rijden en het behouden van de balans.

Wegrijden uit parkeervak:
Bij deze oefening rijdt de motorrijder vanuit stilstand uit een parkeervak weg waarna hij een haakse bocht maakt en enkele meters rechtuit rijdt. Het parkeervak is twee meter breed en drie meter lang, de rijbaanbreedte is drie meter. Het belangrijkste van deze oefening is dat je gecontroleerd een scherpe bocht weet te maken, direct na het wegrijden.
(de examinator geeft aan of dat links- of rechtsom gebeurt)

Slalom met stops:
Bij de slalom met twee stops staan de poortjes links en rechts verspringend achter elkaar met een stop kort voor een linkerbocht en een stop kort voor een rechterbocht. De pylonen staan drie meter uit de aslijn en acht meter achter elkaar. Het gaat bij deze oefening om een combinatie van beheersing van de koppeling, stuurgedrag, kijktechniek en de balans van de bestuurder.

Overige oefeningen:
De examinator heeft naast de twee bovenstaande oefeningen ook de keuze uit de volgende oefeningen:

denkbeeldige acht;
stapvoets rijden;
halve draai (links- of rechtsom).
Deze oefeningen zijn nauwelijks veranderd

Cluster 3 

Uitwijkoefening:
Cluster drie bestaat uit twee oefeningen die beide verplicht zijn. Bij de uitwijkoefening komt de kandidaat met vijftig kilometer per uur aanrijden door de poort. Vijftien meter na de poort moet hij bij een muurtje van pylonen uitwijken. Daarna keert hij of zij weer terug naar de eigen weghelft.

Snelle slalom:
Bij de, eveneens verplichte, snelle slalom zijn zes pylonen met een tussenafstand van acht meter opgesteld. Het is de bedoeling om de slalom bij een snelheid van minstens dertig kilometer per uur met trekkende motor vloeiend en gelijkmatig te voltooien.

Cluster 4

Noodstop:
In het vierde cluster is de noodstop de verplichte oefening. Hier moet je een poortje passeren en bij vijftig kilometer per uur maximaal remmen om zo snel mogelijk tot stilstand te komen. Daarbij mag je de controle over de motor niet verliezen.

Precisiestop:
Bij de precisiestop gaat het erom dat de kandidaat bij een snelheid van vijftig kilometer per uur op een aangegeven punt begint te remmen. Daarna moet hij de motor door gelijkmatig remmen zeventien meter verderop tot stilstand brengen. Naast de precisiestop kan de examinator ook nog kiezen voor de stopproef als tweede oefening.

Exameneisen:
De kandidaat mag elke oefening bij een negatief resultaat één keer overdoen. Het resultaat van de oefening uit het eerste cluster (achteruit lopend parkeren) telt ook mee. De kandidaat moet van elk van de overige drie clusters er in ieder geval één voldoende hebben. Om te slagen moet de kandidaat in totaal vijf verschillende bijzondere verrichtingen succesvol afronden.

Direct Aanmelden

Tarieven vanaf

Autorijles € 40,-
Motorrijles € 40,-
Bromfietspakket

€ 350,-

Alle Tarieven

Contact

Verkeersschool Safiera
LEIDERDORP EN OMGEVING

Tel. 06–14430367 / 06 – 53431989

Ma t/m Vr 16:00 - 21:00

Dit e-mailadres wordt beveiligd tegen spambots. JavaScript dient ingeschakeld te zijn om het te bekijken.

Examen

           sign-and-road-big